Druppels veldspuit worden te grof

In het blad De Boerderij wordt geschreven over de gevolgen van de wetgeving aangaande drukregistratie. Wij delen dit artikel, geschreven door Martijn Knuivers, graag!

Driftreductiedoppen onder 2 bar zijn na 2019 niet meer toegestaan. Bladbedekking wordt een issue.

Na 2019 is het hebben van een druklogger op de veldspuit in waterrijke regio’s eigenlijk onvermijdelijk. Er zijn echter 2 mogelijkheden om onder een druklogger uit te komen, namelijk een dubbele teeltvrije zone, of gebruik van driftreducerende technieken als luchtondersteuning: TwinForce, sleepdoek of MagGrow. Dat stellen Luc Remijn, spuittechniekdeskundige bij Delphy, en Ron Smit, spuittechniekvertegenwoordiger bij Homburg.

Een dubbele teeltvrije zone aanhouden, is vooral een goede optie in regio’s met weinig watervoerende sloten langs de percelen. Echter, voel je niets voor deze beide ontsnappingsroutes, dan kom je er in de praktijk niet onder uit om een druklogger te monteren. Want de derde ontsnappingsmogelijkheid (alleen driftreductiedoppen gebruiken die minimaal 75% driftreducerend zijn bij minimaal 3 bar) is mogelijk, maar je laat dan een grote veer wat betreft bladbedekking.

Op dit moment zijn er qua drukregistratiesystemen enkele systemen op de markt. Homburg was in 2017 de eerste met de Spraylogger Pro. Deze is ook te koop als na-opbouw en kost circa € 550, exclusief opbouw. Inclusief opbouw kost het globaal € 750. Ook Aams Salverani en Arag hebben een dergelijk systeem. De Aams kost € 600 en de Arag € 619.

Er zijn ook spuitfabrikanten die al een drukregistratiesysteem in hun spuitcomputer hebben geïntegreerd, maar de vraag is of dit geheel voldoet aan bovengenoemde regelgeving.

Van uitstel verbod driftreducerende doppen kwam geen afstel
Dat de druklogger alsnog wordt ingevoerd, kwam toch enigszins als verrassing. LTO Nederland stelde in 2017 voor om de doppenlijst te saneren, dus alle doppen die bij lage drukken driftreducerend zijn te verbieden. Dat had voldoende moeten zijn, want in 2015 zou LTO daarover al met het ministerie van Infrastructuur en Milieu (I&M) een principe-afspraak hebben gemaakt. Die vlieger ging echter niet op. De druklogger zou vervolgens op 1 januari 2017 worden ingevoerd, maar de sector kreeg van staatssecretaris Sharon Dijksma van I&M 2 jaar de tijd om met alternatieven te komen. Voor april 2018 moest de sector, waaronder LTO, Fedecom, NVWA, waterschappen TCT en enkele spuitmachinefabrikanten, met een eensgezind plan komen. Dat werd het verbieden van spuitdoppen die driftreducerend zijn bij drukken lager dan 2 bar, en vrijstelling voor een druklogger als doppen worden gemonteerd die driftreducerend zijn bij 3 bar of hoger.

De lobby bij I&M is volgens LTO akkerbouw-voorman Jaap van Wenum toch geslaagd, omdat door de onderhandelingen een teler nu niet te allen tijde verplicht is een druklogger op zijn spuit te monteren.

Druklogger blijft in de praktijk vaak toch nodig
De volledige doppenlijst is gepubliceerd op de site www.helpdeskwater.nl, onder Drift Reductie Doppen-lijst (DRD-lijst). Deze lijst zal dus worden opgeschoond.

75% driftreductie: In de categorie 75% driftreductie zijn 37 doppen, die driftreducerend zijn onder 2 bar. Deze verdwijnen van de lijst. Er blijven 50 doppen over waarbij drukregistratie verplicht is en 20 doppen die geen registratie nodig hebben. Dat zijn voornamelijk 05- en 06-doppen en die zijn erg grof qua druppelspectrum.

De huidige DRD-lijst vermeldt overigens nagenoeg geen 03-doppen die minimaal 75% driftreducerend zijn bij een druk van minimaal 3 bar, alleen enkele 04-doppen. Eigenlijk komt het erop neer dat als je een standaard 03-dop wilt gebruiken op een standaardspuit, geen druklogger wilt monteren en geen bredere teeltvrije zone wil hanteren, de Lechner ID 110-03-spuitdop in de categorie 03 de enig toegestane dop is.

90% driftreductie: Bij 90% driftreductie zijn er slechts 4 doppen die geen drukregistratie nodig hebben, dus 90% driftreducerend zijn bij 3 bar of hoger. Dit zijn specifieke bodemherbicidedoppen die met extreem grove druppels spuiten. Deze zijn ongeschikt voor andere bespuitingen. 23 doppen zijn driftreducerend bij een druk tussen 2 en 3 bar, dus toegestaan bij montage van een druklogger. Voor 28 doppen valt het doek als 90% reductiedop, omdat ze 90% driftreducerend zijn bij een druk lager dan 2 bar.

Conclusie: Als je goed wilt spuiten, is bij 90% driftreductie altijd drukregistratie nodig, stelt Smit. “Maar wat heet goed?” Telers kunnen bij 90% driftreductie alleen nog spuiten met extreem grote druppels. Een voorbeeld: de AgroTop AirMix 110-05 is 90% driftreducerend bij 2 bar, de Agrotop TurboDrop TDXL 110-05 bij 3 bar. De AirMix levert bij die druk druppels met een diameter tussen 400 en 550 micrometer en de TDXL druppels van 550 tot 650 micrometer. Volgens het druppelgroottespectrum worden de druppels van de AirMix geclassificeerd als erg grof en die van de TDXL als extreem grof. De bedekking van het blad is dus niet je van het. Dit geldt overigens voor vrijwel alle doppen die als 90% driftreducerend zijn aangemerkt.

95% driftreductie: Een lastig verhaal wordt ook het verspuiten van gewasbeschermingsmiddelen die minimaal 95% driftreductie vereisen, zoals de herbicides Pirimor en Spyrale. De enige doppen die 95% driftreducerend zijn, zijn de Agrotop TurboDrop TDXL 110-06 en de Lechler PRE 130-05. De Agrotop TurboDrop TDXL 110-06 is 95% driftreducerend bij maximaal 2 bar. De startdruk is echter 1,5 bar. De dop heeft dus een werkgebied van 1,5 tot 2 bar. De Lechler PRE130-05 is in de praktijk geen reële optie. Deze dop produceert druppels in de categorie UC, extreem grof. Die geven veel te weinig bladbedekking. Vergelijk het met druppels uit een beregeningskanon.

Bladbedekking moet leidend zijn bij keuze doppen
Volgens Remijn moet de mate van bladbedekking leidend zijn bij de doppenkeuze, niet of bij die bepaalde dop wel of niet een druklogger nodig is. Voorbeeld: de Lechler ID 110-03 is 75% driftreducerend bij maximaal 3 bar, de Agrotop AirMix 110-03 bij maximaal 2 bar. Met de Lechler is geen druklogger nodig, met de Agrotop wel. Veel telers neigen naar de Lechler-dop om geen druklogger te hoeven monteren, maar veel verstandiger is de Agrotop Airmix te monteren die driftreducerend is bij slechts 2 bar. Deze geeft namelijk een minder grove druppel, dus betere bladbedekking. Bij 3 bar valt de Lechler namelijk in de categorie VC, geclassificeerd als erg grof (diameter rond 650 micrometer), dus erg grove druppels. Zeker als de teler bijvoorbeeld maar 1 watervoerende sloot naast zijn percelen heeft, is de Agrotop behouden en op dat ene perceel naast de watergang een dubbele teeltvrije zone aanhouden, een verstandigere keuze.

Nog een voorbeeld. De Hypro ULD 04 is 90% driftreducerend bij 3 bar, de Hypro ULD 05 bij 8 bar. Bij beide is overigens geen druklogger nodig. De 04 geeft bij 3 bar zogenoemde UC-druppels, geclassificeerd als Ultra grof (diameter rond 650 micrometer), terwijl de 05 bij 5 bar zogenoemde VC-geclassificeerde druppels geeft, dus grootte erg grof (400-550 micrometer). Voor een betere bladbedekking kan de teler daarom bijvoorbeeld beter met de Hypro 05-doppen spuiten bij 8 kilometer per uur, dan met 04-doppen bij 5 kilometer per uur.

Minimale spuitdruk hoger dan drukreductiedruk
Er is trouwens nog een aspect. Bepaalde doppen kunnen dan wel op de DRD-lijst bij bepaalde drukken als 75 of 90% driftreducerend zijn aangemerkt, dat wil niet zeggen dat de doppen bij die druk een goed spuitbeeld geven, stelt Smit. Neem de spuitdop Hardi Injet 110-05. Deze is opgenomen op de DRD-lijst en 90% driftreducerend bij 2 bar en 75% driftreducerend bij 4 bar. Echter, de minimale spuitdruk volgens de fabrikant is 3 bar. Bij lagere spuitdrukken is het spuitbeeld niet goed. De dop staat dus wel als 90% driftreducerend op de lijst, maar Hardi raadt af de dop als 90% driftreducerend in te zetten. Dit geldt voor veel meer doppen. Onder andere de Lechler IDKT 03 tot en met 05. Deze mogen dit overgangsjaar nog gebruikt worden. Ze staan op de DRD-lijst als driftreducerend bij 1 bar, terwijl de minimale spuitdruk volgens de fabrikant 1,5 bar bedraagt.

De Albuz AVI 110-015 tot en met 110-05 zijn 75% driftreducerend bij maximaal 3 bar. De startdruk bedraagt echter ook 3 bar, met andere woorden de dop behaalt zijn beloofde tophoek pas vanaf 3 bar. De dop is in de praktijk dus onbruikbaar als 75% reductiedop. Hetzelfde geldt voor de Lechler ID90-015-dop. De tweezijdig spuitende Teejet AI3070-03 is 90% driftreducerend bij 1 bar. De startdruk volgens fabrieksopgave is echter 1,4 bar.

Kortom, goed opletten welke doppen op de spuit zijn gemonteerd.

----------------------------------------------------------------------------------

Samengevat

Samengevat zorgt het opschonen van de DRD-lijst ervoor dat de driftreducerende doppen die fijne druppels geven, dus een goede bladbedekking, volgend jaar sneuvelen. In de 75%-klasse blijven 71 doppen beschikbaar van 015 tot 08. De bladbedekking lukt nog, zeker wanneer een druklogger is gemonteerd of een dubbele teeltvrije zone wordt aangehouden. Er is in deze categorie geen sprake van een echt groot probleem. In de 90%-klasse blijven 26 doppen beschikbaar van 025 tot 06. Spuiten blijft mogelijk, maar met extreem grove druppels. In de 95%-klasse blijven alleen de AgroTop TDXL-06 en Lechler PRE 130-06 beschikbaar. Deze 2 zijn vanwege de grote hoeveelheid water alleen bruikbaar voor bodemherbiciden, niet voor het spuiten van pesticiden.
Conventioneel spuiten kan na 31 december 2019 alleen nog met extreem grove druppels. Fijnere druppels en een betere bladbedekking zijn dan alleen nog realiseerbaar met driftreducerende technieken, zoals luchtondersteuning, TwinForce, sleepdoek (Wingsprayer/Wave) of MagGrow.

 

Heeft u onderdelen nodig? Bezoek onze webshop!

Betaalmethode Sofort Betaalmethode iDeal Betaalmethode Bancontact

Kom in contact met onze dealers

Stel een vraag

Heeft u een vraag? Stel hem hier.